|
|

Antonio

Cari

Celestino

Freddy

Gabriel heeft in zijn broek geplast

Juan Jose

Liesbeth, Laura en Veronica

de meute

goal

In de straat

Klas van juf Liesbeth
Hallo iedereen,
Eindelijk breekt de zon door de wolken en serveert hij jullie de voorbode van de lente. Geniet er van…
Wij zijn de zon en hitte al goed gewend. Het wordt hier, we zijn nog steeds in San Cristobal, warmer en warmer. En ik kijk er naar uit om binnenkort de verkoeling van het meer van Atitlan, Guatemala, te gaan opzoeken. Eerlijk is eerlijk, ik ben San Cristobal een beetje beu aan het worden. Hadden we niet toegezegd om nog verder les aan de kinderen te geven waren we waarschijnlijk al vertrokken maar de kaarten zijn nu gedeeld en het spelletje moet uitgespeeld worden. Eind maart vertrekken we.
Ook de rust van het meer roept me. Weg van het alomtegenwoordige lawaai van de stad. Het verkeer, iedere avond geknal van ‘knalpijlen’ want geen vuur siert de hemel, slechte muziek, geclaxoneer van kleine pietjes in grote auto’s, de dakhonden enz. Naast straathonden wonen er honderden dakhonden in San Cristobal. Deze lijken heel hun leven op een dak door te brengen. Vanzelfsprekend zijn ze er niet gelukkig mee. Ze blaffen dit ook continue. Woef woef = haal mij hieraf, soms uren aan een stuk. Spijtige zaak… maar zeer Mexicaans.
Zoals hoger vermeld ben ik het hier een beetje beu geworden. Zelfs heimwee is mijn deel geworden. Maar dit heeft ook een nieuwe, inspirerende zijde. Sinds kort heb ik begrepen dat het nog niet zo slecht wonen is thuis in België (wat een nieuwe en inspirerende boodschap). Het is me duidelijk geworden dat ik nooit zou kunnen leven buiten een Europese maatschappij. Niet dat zulk een maatschappij a priori beter is. Neen, absoluut niet maar het past beter bij mij. Ik ben er natuurlijk opgegroeid en dat maakt dat ik op een Belgisch-Europese manier geconditioneerd werd. Het leven is makkelijker als je bepaalde dingen mag en kan verwachten.
Mijn heimweeaanval heeft me tevens doen realiseren dat er veel dingen zijn die ik van thuis mis. Vrienden, familie, de buren, thuis zijn, de bib, fietsen, de koers, trappistbier, frieten met andalousesaus, … Nee werken mis ik nog steeds niet! Los van mijn luxeprobleempjes nog het volgende.
Het lesgeven is echt heel leuk. Ondertussen hebben we vanzelfsprekend een band met de kinderen opgebouwd. Na de les speelt Liesbeth nog wat verstoppertje met de kinderen terwijl ik nog wat rudimentair Engels aan Veronica geef.
Als we aankomen, komt er een klein boeleke met zijn mouwen vol snot, kraag vol gesjabberd, sprankelende oogjes, reuzenglimlach en zijn handjes hoog in de lucht gestoken naar ons toe gerend. Antonio, 3 jaar oud met een groot knuffelgehalte heeft ons opgemerkt. Of Freddy. 5 jaar oud, een beetje achter op de anderen maar miljoenen kilojoules uitstralend als hij zijn naam, bijna foutloos, op het bord schrijft. Alejandro, twaalf jaar oud, die met trots zijn weinige kleren draagt en straalt wanneer ik opmerk dat hij naar de kapper is geweest. Of Juan José, Alejandro’s spitsbroeder met zijn guitig smoeltje. Waarschijnlijk de slimste van allemaal, zal hij ooit een goede job vinden?? Celestino alias Tino, 10 jaar oud maar als enige van de groten moet hij bij Liesbeth les volgen (zijn lezen, schrijven en rekenen zijn onvoldoende om met Alejandro en Juan José bij mij les te volgen). Hij is een echt springend vel. Kan moeilijk stilzitten, steeds afgeleid maar ook hij boekt vorderingen.
Dan zijn er nog de dames. Laura, Cari, en Veronica. Laura is een beetje zoals Freddy. Niet zo snugger. Maar altijd doorzetten. Haar grote verwonderde ogen vragen welke haven haar schip zal aandoen. Cari met haar rotte voortandjes heeft teveel snoep en frisdrank in haar dieet toegelaten. Ze huilt vaak s’nachts over de dood van haar ouders en 5 broers. En dan de meest zotte van den hoop: Veronica. Altijd goed gezind. Lachend komt ze nooit op tijd binnen gehuppeld en vrolijkt heel de klas op met haar blijde aanwezigheid. Telkens als ik haar een zin aanleer, herhaalt ze de zin maar met mijn intonatie en gebaren. Hilarisch.
Ja, voor de kinderen zijn we hier nog. En dan moet ik er al de rest maar bijnemen…
Groetjes
Patrick